Artikel downloaden

 

Spelende honden

Wij mensen vinden het vaak fantastisch als onze hond met andere honden speelt. Hij raakt lekker zijn energie kwijt en maakt vriendjes, waardoor wij zelf ook aan de praat raken met gezellige hondeneigenaren. Maar waar pups vaak best fijn met elkaar bezig zijn, is dit in de puberteit niet altijd meer zo vanzelfsprekend.

 

Spanning

Vanaf de leeftijd van 6 maanden moet de hond ‘voor zichzelf zorgen’, en kunnen ze niet meer op ‘mamma’ vertrouwen. De hond is verantwoordelijk voor de eigen veiligheid, ondanks het feit dat zij nog geen ervaring heeft hoe ze dit moet aanpakken. Ze zal hiermee gaan experimenteren. Het spel tussen honden wordt in de puberteit ruwer en de jachtdrift komt op, want het instinct om zelf voor het eten te gaan zorgen wordt aangesproken.
Fysiek lijkt de puber hond vrijwel onbeperkte energie en kracht te hebben. Ondanks dat kan ze nog erg lomp of onhandig kan zijn en haar eigen kracht niet kennen, waar ze soms weer onzeker van kan worden. Dit alles betekent dat honden in de leeftijd tussen 6 maanden en 1 jaar vaak angstiger zijn. We zien dat trauma in deze periode, vooral in de 9e en 10e maand, dieper ingrijpt dan in andere perioden in het leven van de hond. Bij spel tussen honden is het verstandig om hier rekening mee te houden, en goed op te letten of het spel nog wel leuk is.

De puberhond vind de ontmoeting of het spel met andere honden dus spannender dan een pup. Dit uit zich soms in het gaan zitten of liggen om een naderende hond goed te kunnen bestuderen. Vaak zie je dat de puber dan plotseling keihard op de andere hond zal afrennen. Volwassen honden vinden dit vaak geen leuk gedrag, en soms wordt de puber dus direct weggejaagd. Het kan verstandig zijn om voordat de puber begint te rennen de focus op de andere hond telkens even kort te onderbreken. Bijvoorbeeld door even de aandacht te vragen en te belonen met een brokje, en dan de puber weer de gelegenheid bieden om zijn aandacht weer op de andere hond te richten, totdat deze dichtbij genoeg is er om op een normale manier op af te lopen. Als een hond nog ver weg is, kan het handig zijn om je puber even naar een paar brokjes op de grond te laten zoeken. Snuffelen werkt kalmerend voor je eigen hond, en als de andere hond ziet dat de puber druk bezig is, zal ook hij ontspannen blijven.
Als jouw puber een andere hond wil benaderen, moet je opletten of de andere hond of eigenaar aangeeft dat benadering ongewenst is. Door aandacht te vragen van je eigen hond, of een brokje te laten zoeken, voorkom je dat de spanning bij jouw puber oploopt en geef je de andere hond of eigenaar de tijd om te laten weten of/hoe ze benaderd willen worden. Je puber kan hierdoor nog steeds voldoende informatie over de naderende hond krijgen, zonder vervelend te zijn voor de andere hond. Vaak gaat het heel hard op andere honden afrennen na enkele maanden wel weer over, of wordt een stuk minder heftig. Mocht de spanning te snel oplopen of je hond heel slecht bereikbaar zijn omdat zijn focus op de andere hond te groot is, vraag dan even hulp bij je trainer.

 

Leuk spelen!?

Vanaf 3 weken oud worden pups zich bewust van hun broertjes en zusjes in het nest, en zullen ze een beetje met elkaar gaan spelen. Dit spelen is een vorm van worstelen, waarbij de pups een beetje tegen elkaar aan duwen. Vanaf het einde van hun vierde week zullen pups ook een paar stapjes achter elkaar aan gaan rennen.
Worstelen en rennen zijn de twee belangrijkste spelvormen voor honden onderling, zowel bij pups als volwassenen. Spel is pas leuk als het voor allebei de honden leuk is. Als een pup of puber alleen maar ‘wint’ kan hij arrogant worden, en als hij alleen maar ‘verliest’ dan kan hij onzeker worden. Leuk spel is herkenbaar aan rolwisseling tussen de honden.
Spelende honden blijven voortdurend met elkaar in communicatie, ze vertellen elkaar dat ze willen gaan spelen, willen blijven spelen en welk soort spel ze willen. Het spel is het meest communicatief als er rolwisseling is: als ze allemaal wel een keer winnen. Bij worstelen win je als je bovenop staat, en bij rennen win je als je achter de voorste hond rent en hem opjaagt. Uiteraard hoeft een spel niet helemaal fifty-fifty te zijn. Sommige honden hebben de voorkeur voor onder liggen, zodat ze lekker naar de poten van de spelkameraad kunnen happen. Andere honden vinden het leuk om opgejaagd te worden omdat ze ervan genieten dat ze sneller zijn dan hun vriendje. Maar bij vriendelijk spel is er meestal toch wel sprake van enige rolwisseling. Als een van de honden een paar keer uitnodigt tot rolwisseling en de andere hond hier niet op in gaat, is het beter het spel te stoppen voordat het echt vervelend wordt.
Vriendelijk spel is ook te herkennen aan de pauzes die genomen worden. Bij speelkameraden die elkaar goed kennen is dit even een seconde waarin ze communiceren dat ze er allebei nog zin in hebben. Bij jonge pups of honden die elkaar niet kennen zie je vaak dat de pauzes ietsje langer duren, en soms dat de honden even ergens anders aandacht voor hebben.
Hiermee zakt de opwinding een beetje, en kunnen ze daarna weer gezamenlijk besluiten om opnieuw te spelen. Let goed op dat er bij spel tussen meer dan twee honden er vaak geen echte pauzes lijken te zijn, omdat elke hond individueel of met z’n tweeën pauzeert terwijl de rest doorspeelt. Het lijkt daardoor op non-stop spel, maar dat is het eigenlijk niet. Een pauze is even een moment om te zorgen dat je het allebei nog leuk vind. Vooral bij pups is dit een belangrijk onderdeel van het spel omdat ze nog niet zo veel uithoudingsvermogen hebben, en dus door pauzes leren om rekening met elkaar te houden.
Sociale honden, zeker de wat grotere honden, zie je vaak zichzelf een handicap aanmeten. Een grote hond zal bijvoorbeeld op de grond gaan liggen om met een kleintje te spelen, of een snelle hond rent achter een langzame aan, terwijl hij er ook zo voorbij kan rennen. Sociale honden zetten deze strategieën in omdat ze weten dat als ze hun volle kracht of snelheid gebruiken, het spel voor de andere hond niet meer leuk is. En ze willen natuurlijk zo lang mogelijk spelen, dus daarom houden ze zich in. Geniet ervan als je dit bij je eigen hond ziet, want dit gedrag is heel vriendelijk! Desalniettemin is het belangrijk om voor pups en pubers rekening te houden met de afmeting en het gewicht van de honden die met elkaar spelen. Een zware puberhond kan zich willen handicappen maar hij heeft vaak nog onvoldoende controle over zijn lichaam en mate van opwinding om dit het hele spel te doen. Omdat een ongeluk in een klein hoekje zit, is het dus verstandig om de hond te laten spelen met honden van een vergelijkbare afmeting en gewicht.

 

Ruiken en Rijden

Door het opkomen van de geslachtshormonen verliest de pup zijn puppygeur en gaat ruiken als een volwassen hond. Hiermee verliest hij een aantal privileges, niet al het gedrag wordt zomaar meer van hem gepikt. Door volwassen honden zal hij worden gecorrigeerd voor gedrag wat eerder wel mocht. Bij sommige individuele honden of de meeste honden van bepaalde rassen is het in of na deze periode niet meer mogelijk om sociaal met andere honden te spelen, of alleen met enkele bekende ‘vriendjes’.
In de puberteit zal de hond heel veel meer willen snuffelen om alles te leren over de geurenwereld om zich heen. Pubers leren om door meerdere kleine plasjes te doen, het zogenaamde ‘markeren’, de eigen geur achter te laten. Teven veranderen van geur en worden heel aantrekkelijk voor reuen. Sommige teven voelen zich in de puberteit onveilig bij het achterlaten van de geur, zeker op nieuwe plekken waar veel andere honden hebben geplast. Reuen zijn vaak minder verlegen, zij markeren niet alleen maar kunnen bij het opnemen van geur juist erg opdringerig gaan worden. Je ziet dat puber teven hierbij door leeftijdgenoten echt op een ruwe manier belaagd worden, je mag de teef hiertegen in bescherming nemen. Opdringerigheid van reuen wordt door volwassen teven vaak wel heftig afgestraft. Zolang dit niet tot echte angst of bijten van de teef zal leiden, leert zo’n correctie aan de puber dat zijn gedrag consequenties heeft. Niet elke teef zal de puber corrigeren, het is dus verstandig om op te letten of de hond die met je puber speelt het allemaal nog wel leuk vindt. Als dit niet zo is, kan je de puber afleiden of het gedrag verbieden, en samen met hem verder lopen.
De hoeveelheid hormonen is hoog in de puberteit, voor testosteron geldt dat dit bij reuen in de puberteit ongeveer 5 tot 7 keer zo hoog wordt als bij volwassen reuen. De testosteron piekt als de reu rond de 10 maanden oud is, en wordt daarna langzaam minder.
Je kan je voorstellen dat deze puber reuen in het perspectief van volwassen honden erg ‘aanwezig’ zijn, door hun sterke geur. Sommige volwassen reuen reageren hier heftig op. Vertel je puber dat hij een goede keuze maakt als hij ervoor kiest om weg te lopen of zich even ergens anders mee bezig te houden. Als het nodig is kan je de puber met een speeltje, een oefening of een brokje een excuus bieden om zich niet met een norse hond bezig te houden en gewoon mee te lopen.
Soms zie je dat honden in het spel op elkaar rijden. Tussen pubers is dit normaal, zij moeten nog leren wat rijgedrag precies betekent, en zullen het oefenen op leeftijdgenoten. Na het rijden of een andere aanvaring kan de puberhond een buiging, de zogenaamde ‘spelboog’, maken. Dit doet de puber om te communiceren dat het allemaal niet zo serieus bedoeld was. Meestal zullen deze excuses aanvaard worden, en kun je rustig verder lopen.
Als je hond wil rijden op een andere hond, en deze hond de jouwe niet corrigeert, kan je het rijden afbreken met ‘nee’, of je hond roepen, maar in een enkel geval zal je je hond eraf moeten tillen. Meestal is het echter niet nodig om de hond fysiek weg te halen, en het rijgedrag is bij pubers gelukkig doorgaans een fase. Maar onder andere bij een aantal terriër rassen komt voor dat jonge honden afwijkend rijgedrag vertonen.
Rijgedrag is afwijkend als een hond bijna nooit kan stoppen als je dit vraagt, of rijden het enige spelletje is wat hij leuk vindt. Let op dat jonge honden soms ook rijden op de eigenaar, vaak komt dit gedrag niet door hormonen maar door stress of moeheid. Omdat pubers nog volop aan het experimenteren zijn, zie je soms ook dat ze rijgedrag inzetten om een andere hond te provoceren en dan eventueel na excuses te maken uit te nodigen tot spel. Rijgedrag kan dus verschillende oorzaken hebben, waardoor castratie niet altijd een oplossing is voor het rijden. Loopt het rijgedrag van jouw hond de spuigaten uit, ga dan eerst even te rade bij je trainer voordat je met de dierenarts afspreekt!

Puber met Humor

Een puber zal steeds subtieler worden in zijn gedrag. Een puber is erg opportunistisch en gaat dus kijken wat hij bij jou of bij een andere hond voor elkaar krijgt. In plaats van een gevecht aan te gaan kan hij zich bijvoorbeeld ‘aanstellen’ op een puppy-manier, met overdreven gedrag. Dit heeft vaak als bedoeling om de ander vriendelijk te stemmen ondanks provocatief gedrag van de puber. Een puber zal ook steeds beter leren ‘liegen’. Bijvoorbeeld als een hond een kluif of speeltje heeft dat de puber wil, kan de puber net doen alsof iets héél interessant is, en als de andere hond dan komt kijken, kan de puber er snel vandoor met hetgeen hij wilde. Als je goed oplet zal je zien dat de puber niet alleen andere honden maar ook jou probeert te bespelen. Ze zijn zo heerlijk slim en innovatief. Gelukkig zijn wij beter dan honden in het vooruit denken en gedrag voorkomen of bijsturen!